Uitspraak 05-02-2022

KLACHTENCOMMISSIE, uitspraak d.d. 5 februari 2022 betreffende de klacht van 24-11-2021

Ingekomen stukken

De klachtencommissie heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

  • Klacht van klager d.d. 24 november 2021;
  • Aanvullende mail bij klacht van klager d.d. 24 november 2021;
  • Reactie van tolk op de klacht d.d. 10 december 2021;

Klacht

De tolk heeft de klager een betalingsherinnering doen toekomen voor een schadeclaim uit 2017, plus wettelijke rente en incassokosten. De rechtmatigheid van de inhoud en omvang van deze betalingsherinnering wordt door de klager betwist. Bovendien is klager van mening dat de procedure die de tolk rondom het incassogeschil volgt niet correct is.

Ontvankelijkheid van de klacht

De klachtencommissie dient – voordat tot een inhoudelijke behandeling van de klacht kan worden toegekomen – na te gaan of de door de klager ingediende klacht ontvankelijk is.

In artikel 1.2 van het klachtreglement is opgenomen:

“Een klager kan een klacht indienen:

  1. als naar zijn oordeel de tolk zich niet heeft gehouden aan zijn beroepscode;
  2. als naar zijn oordeel de inhoudelijke kwaliteit van de tolkinspanning onvoldoende was;
  3. als hij zich ernstig gestoord heeft aan het gedrag van de tolk tijdens het uitvoeren van de opdracht.”

De klachtencommissie constateert dat in deze sprake is van een incassogeschil en dat klager zich stoort aan de procedure die de tolk volgt – geruime tijd na de uitvoering van de opdracht – in de afhandeling van dit geschil. De klacht van de klager valt, gelet op de inhoud van voornoemd artikel, niet onder de bevoegdheid van de klachtencommissie. De klager is dan ook niet-ontvankelijk in zijn klacht.

Uitspraak

De klachtencommissie verklaart de klager niet-ontvankelijk in zijn klacht.

 

5 februari 2022, A. Heij
Plaatsvervangend voorzitter Klachtencommissie

Skip to content